Gods verbond met de mens
Adam en EvaHet eerste mensenpaar heeft zich laten verleiden tot de zonde van ongehoorzaamheid, zo vertelt ons het boek Genesis. De vrije wil van de mens, die grote gave die bestemd was om in vrijheid te kunnen beminnen, werd misbruikt voor eigenzinnigheid. God, die vanaf het begin in zijn schepping het risico wilde inbouwen, dat de mens zijn vrijheid zou misbruiken, keerde zich echter niet af.

Hij had geschapen uit liefde, nu zou Hij ook redden uit liefde, uitlopend op het Kruisoffer van de Zoon, het Woord van Liefde waardoor alles geschapen was (vgl. Joh.1). In een notendop is dat de heilsgeschiedenis van Gods liefde. We noemen dat het Verbond. In het Oude Testament lezen we over het Verbond met Abraham en Mozes, een verbond dat niet kon redden, maar de mens wel met God verbond als zijn uitverkoren volk van geloof, Israel. Pas met de komst van Christus werd het nieuwe, altijddurende Verbond bevestigd in het paasmysterie en de Kerk. Maar zowel in het Oude- als Nieuwe Testament gaat het over de éne ware God die met zijn volk (Irsael en de Kerk) een exclusief, trouw en altijddurende verbintenis aangaat, uit vrije en onverschuldigde liefde van Zijn kant.